Dit artikel richt zich op het installeren van Magento 1. Heb je een Magento 2 shop, kijk dan in onze Hypernode support documentatie voor het installeren van een Magento 2 shop op Hypernode.

Standaard installatie op elke Hypernode

Op elke nieuw bestelde Hypernode staat standaard een Magento 1 installatie geïnstalleerd. Dat geldt overigens niet voor een Hypernode trial, daarbij kies je voor een Magento 1 of 2 installatie of bestel je een trial zonder Magento installatie.

De Magento installatie kun je vinden in de /data/web/public directory. De installatie is geconfigureerd om een database te gebruiken genaamd YOURAPPNAME_preinstalled_magento met de database inloggegevens van de ~/.my.cnf file. De admin en database inloggegevens worden per mail naar je gestuurd zodra je Hypernode klaar voor gebruik is.

We gebruiken de handige tool Magerun om de installatie uit te voeren.
Standaard installeert Magerun Magento door gebruik te maken van settings (zoals admin details, valuta en tijdszone) uit een ~/.n98-magerun.yaml file. Deze file wordt opgemaakt met informatie van de domeinhouder. Daarbij worden de base URL’s aangepast naar http://YOURAPPNAME.hypernode.io en wordt Redis geconfigureerd als cachingmethode voor de backend.

Niet alle Magento 1 versies kunnen gedownload worden via Magerun, standaard gebruiken wij voor de installatie van Magento 1 de meest recente Magento-CE versie beschikbaar. We doen ons best om deze versie alle mogelijke groene vinkjes te laten scoren in de MageReport tool, bijvoorbeeld door het aanmaken van een custom URL voor de admin inlogpagina.

Optioneel: verwijder de standaard Magento installatie

Op elke nieuw bestelde Hypernode standaard een Magento 1 installatie geïnstalleerd. Die installatie vind je in de /data/web/public directory. Wil je deze installatie verwijderen, gebruik dan het volgende commando:

n98-magerun --root-dir=/data/web/public uninstall --installationFolder=/data/web/public --force

Deze zal de standaard database (YOURAPPNAME_preinstalled_magento) verwijderen, samen met de /data/web/public directory.
Mocht je een Magento installatie ook nog in een andere directory hebben staan dan zal deze niet verwijderd worden. In onze Hypernode support documentatie vind je uitgebreidere informatie over het verwijderen van een Magento installatie.

Magento 1 installeren

Activeer de Magento 1 modus

In het geval dat je eerst een Magento 2 shop op je Hypernode had staan en je wilt terug naar een Magento 1 shop, deactiveer dan eerst de Magento 2 modus.
Dit deactiveert de configuratie die specifiek voor Magento 2 vereist is. Dit doe je door deze file te verwijderen: ~/nginx/magento2.flag

rm ~/nginx/magento2.flag

Maak een nieuwe database

De eerste stap is het aanmaken van een database. Er is een file waar de meeste databasegegevens al in staan: .my.cnf. Je maakt connectie met je database via het volgende commando:

mysql

Maak een database aan met het volgende commando:

CREATE DATABASE ;

Nadat je dit gegaan hebt kun je de MySQL client weer afsluiten. Noteer wel de database-naam zodat je deze kunt gebruiken bij de installer (zie iets verderop).

Installeer Magento met n98-magerun

  • Om de laatste Magento versie te installeren ga je eerst naar je public directory: cd /data/web/public.
    Gebruik het volgende commando om Magento te installeren via n98-magerun:
php -d memory_limit=1024M /usr/local/bin/n98-magerun install --magentoVersionByName=byte-mag-mirror-latest
  • Kies welke versie je wilt installeren. De eerste optie [1] is de meest recente versie van Magento. Druk op ENTER.

  • Geef de installatie folder and druk op ENTER. Magento zal nu alle files van de installatie downloaden.

  • Geef vervolgens je database-gegevens op:

  • database host
  • database username
  • database password
  • database name
  • database port
  • table prefix

  • Druk “y” of “n”, afhankelijk of je sample data wilt installeren. Kies je voor sample data, houd er dan rekening mee dat het even kan duren voordat alles geïnstalleerd is.

  • Nu wordt je gevraagd om wat informatie in te vullen om de installatie te kunnen afronden. Het gaat om deze informatie:

  • session save

  • admin frontname
  • default currency code
  • locale code
  • timezone
  • admin username
  • admin password
  • admin’s firstname
  • admin’s lastname
  • admin’s email
  • base url

Heb je alles ingevuld, dan zal het script gestart worden en wordt Magento voor je geïnstalleerd.

  • Is de installatie klaar, leeg dan je caches.

  • Als je gevraagd wordt om de base-URL naar je .htaccess file te schrijven, druk op “n”. Het script zal nu alle data in je shop herindexeren.

  • De installatie is voltooid!
    Je ziet nu alle checks die het script heeft doorlopen om er zeker van te zijn dat Magento succesvol op je Hypernode is geïnstalleerd.

NB: als onze Magerun versie niet de allerlaatste versie van Magento ondersteunt, dan raden we je aan om de laatste dev versie van Magerun te installeren. Deze dev versie gebruik je dan om Magento te installeren. Gebruik het volgende commando:

wget https://raw.githubusercontent.com/netz98/n98-magerun/develop/n98-magerun.phar -O ~/n98-magerun
chmod +x ~/n98-magerun
~/n98-magerun install

Verplaats de Magento files naar de juiste folder

Als je dit stappenplan gevolgd hebt dan staan alle Magento files in /data/web/public/magento.
Verplaats deze files vervolgens naar de /data/web/public directory and verwijder vervolgens de Magento folder.

Je kunt daarvoor de volgende commando’s gebruiken:

cd public/magento
mv * ..
mv .htaccess ..
mv .htaccess.sample ..
cd ..
rm -rf magento
rm -rf index.html

Je shop zal nu zichtbaar zijn via je Hypernode URL (appname.hypernode.io).

NB: Nginx ondersteunt geen .htaccess files maar Magento heeft ze wel nodig om goed te kunnen werken. Dat is waarom we de .htaccess files NIET verwijderen.

Optioneel: Wijzig je base-URL

Mocht je om wat voor reden dan ook je base-URL willen wijzigen, dan kun je daarvoor het volgende commando gebruiken:

n98-magerun config:set web/unsecure/base_url URL
n98-magerun config:set web/secure/base_url URL

NB: Mocht je je appnaam willen instellen als base-URL, bijvoorbeeld omdat je nog aan het testen bent, gebruik dan http://appname.hypernode.io.

Configureer Redis als cachingstool voor je backend

Volg de stappen in het artikel Configure Redis om Redis te configureren.

Optional: configure Lesti::FPC

Als je Lesti::FPC op Hypernode wilt gebruiken, volg dan de stappen in het artikel Configure Lesti::FPC.

11